Gisteren konden we in de Volkskrant lezen hoe een ‘beroemd psychologisch experiment bij nader inzien gebakken lucht lijkt’  (http://www.volkskrant.nl/wetenschap/opnieuw-cruciale-psychologische-studie-onderuit~a4371732/). We zien het geregeld terugkomen: een klassiek experiment dat bij nader onderzoek en replicatie toch complexer in elkaar blijkt te zitten. Maar hoe zit dit nu precies?

Allemaal nep

De studie waar het om ging is in 1988 uitgevoerd door Strack et al (Strack et al., 1988). Zij onderzochten of bepaalde gezichtsactiviteit het gevoelsleven of de stemming van iemand kan beïnvloeden, gebaseerd op de facial feedback theorie. De ene groep proefpersonen hield een pen tussen de tanden geklemd en de andere groep klemde de pen tussen de lippen. Hiermee werd gezorgd voor het al dan niet aanspannen van de lachspieren in het gezicht zonder dat de deelnemers werkelijk lachten. De groep deelnemers die de pen tussen de tanden hadden geklemd, gaven de cartoons die ze zagen gemiddeld een hoger humor-cijfer dan de groep die de pen tussen de lippen had. De conclusie uit deze studie was dat mensen hun eigen gezichtsexpressie gebruiken als een bron van informatie waarop ze hun attitude vormen: Als ze lachen, dan moet de grap wel leuk zijn.

Volgens de Volkskrant blijkt dit ‘allemaal nep’. Er zijn volgens de krant 17 experimenten gedaan in de VS, Canada en Europa waarbij het onderzoek werd over gedaan. In geen van de experimenten ging de vrolijkheid omhoog, aldus de krant.

Gelukkig kon professor Zwaan mij een genuanceerder beeld geven dan wat ik in de Volkskrant las. Het blijkt inderdaad zo te zijn dat het gerepliceerde onderzoek geen verschil heeft gevonden tussen de twee groepen. Maar wat goed beschreven wordt in het wetenschappelijke artikel en achterwege blijft in de krant, is dat deze resultaten niet de facial feedback theorie onderuit halen maar dat juist blijkt dat de techniek hoe het hier onderzocht is mogelijk niet werkt. Of en hoe de facial feedback theorie dan wel werkt zal juist verder onderzocht moeten worden. Jammer dat de journalist bij de Volkskrant deze nuance even vergeet.

Negatieve kijk

Wat mij opvalt, is dat de uitkomsten van dit onderzoek gelijk in een kwaad daglicht worden gezet. Bij de termen als ‘een heel wetenschapsgebied loopt leeg’ en ‘het blijkt allemaal nep’ gaan mijn haren meteen overeind staan. Ik vind het juist een goede ontwikkeling dat beroemde experimenten waar veel waarde aan gehecht wordt op een grondige manier worden gerepliceerd. De uitkomst van dit gerepliceerde onderzoek bewijst nog maar eens hoe belangrijk het is om studies te herhalen in andere culturen en onder andere omstandigheden, en dat we accepteren dat deze resultaten dan anders kunnen uitpakken. Alleen dan kunnen theorieën doorontwikkeld worden. Daarnaast zorgt het er ook voor dat er geen publicatiebias ontstaat, waarbij onderzoekers de positieve resultaten wel, maar de negatieve of onduidelijke resultaten niet publiceren.

Korreltje zout?

Wat betekent de uitkomst van het huidige onderzoek? Dat sommige principes die we als ‘waar’ aannemen dus niet werken zoals wij dachten. Het geeft ons weer meer inzicht hoe het wél zou kunnen werken. Is dat niet het hele idee van onderzoek doen? Dat het ons dwingt om weer verder te kijken en door te ontwikkelen? Ik vergelijk het ook wel met andere wetenschap; in de natuurkunde horen we ook regelmatig dat iets toch anders in elkaar zit dan wetenschappers in eerste instantie voor ogen hadden. Alleen wordt het daar een doorbraak genoemd en in de psychologie wordt het gekoppeld aan ‘een reeks wantoestanden’ en worden we weer allemaal herinnerd aan het Stapel-fiasco van een tijd terug.

Eens ben ik het wel met de kritiek dat er aan de uitkomsten van klassieke experimenten te zwaar wordt gewogen. Het is jammer dat het grondig gerepliceerde onderzoek pas na bijna 30 jaar uitgevoerd wordt.

Ik denk dat we hiervan moeten leren dat we niet alleen willen publiceren om iets origineels en iets spectaculairs naar buiten te brengen maar dat het o zo belangrijk is om bestaand onderzoek te blijven repliceren en ook de negatieve uitkomsten te publiceren om wantoestanden te voorkomen. En wil je echt vrolijker worden? Probeer dan niet de truc met de pen maar kijk verder dan je neus lang is.

Bron: Strack, F., Martin, L.L., & Stepper, S. (1988). Inhibiting and facilitating conditions of the human smile: a nonobtrusive test of the facial feedback hypothesis. Journal Personal. Soc. Psychol., 54 , 768–777

Anderen lazen ook:

De 6 belangrijkste trends in gedragsbeïnvloeding van 2019 Richting het einde van het jaar zijn we bij SHIFT hard aan het nadenken over de toekomst: Hoe willen we het volgende jaar gaan invullen? Op welke them...
Wat een gevoel van vrijheid met ons doet Bevrijdingsdag, een dag waarop veel mensen stilstaan bij vrijheid. Bij de een roept het een nostalgisch gevoel op van vroeger, de ander denkt alleen a...
Wat zijn gedragsdenkers en waarom hebben we ze heel hard nodig? In ons artikel 'De 6 belangrijkste trends in gedragsbeïnvloeding van 2019' noemden we het al: we gaan naast gedragswetenschappers ook steeds meer gedr...